Onweer

Al sinds jonge leeftijd ben ik gebiologeerd door het weer. Ik zat en zit op internetfora over de pluim, hirlam en andere weermodellen en was vrijwel altijd bezig met het weer. Vooral extreem weer wist me te boeien. Ik wist dan ook zeker als ik later een rijbewijs en auto zou hebben, (hoofdpijndossier; kom ik later in een blog nog wel op terug) dat ik regelmatig zou gaan storm chasen en daarnaast staat op tornado jacht gaan in Amerika nog steeds bovenaan mijn bucket list.

Ik vind het mooie aan hittegolfen in Nederland dat er vaak warmteonweer kan ontstaan en soms zijn de luchtomstandigheden zo goed dat hier flink wat instabiliteit in kan zitten. Dit kan extreme klappen en flitsen tot gevolg hebben. Dit gebeurde gisterenavond dan ook in de buurt van Nijmegen en op vele plekken in het land. Helaas miste ik dit volkomen en heb ik op wat flitsen in de verte na weinig mee gekregen van het epische onweer. So be it zullen jullie denken, volgende keer meer geluk.

Helaas werkt het bij mij in mijn hoofd heel wat anders. Toen ik de epische foto’s en berichten al langs zag komen op de social media werd ik al overgenomen door jaloezie. Net uitgerekend nu was ik natuurlijk elders. Daar kwam een beetje onrust bij doordat ik dacht dat mijn raam nog openstond en wellicht dus dat ik waterschade heb opgelopen. Maar de grootste frustratie zat er in het onweer dat ik had gemist. Mijn hoofd zat bommetje vol negatieve gedachtes en alles schoot door mijn hoofd. “Waarom juist nu” en “waarom juist ik” gingen de gedachtes als een klein kind door mijn hoofd. Je kan me niet veel gelukkiger maken als een drankje met uitzicht op episch onweer. Het onweer waar iedereen nog lang over zou spreken had ik zojuist gemist. Het rijtje met alles wat ik daarnaast ook niet had en alle onrecht bleef zich in mijn hoofd afspelen.

Ik verwacht niet dat iedereen nu kan volgen waar dit heen gaat, immers iedereen mist wel eens wat die wil. Voor mijn gevoel is het juist alleen nu zo treffend dat ik weg ben en dus het epische onweer heb gemist. Weer een kleine druppel in mijn emmer erbij waar ik van kan balen. Die emmer, die het afgelopen jaar al een drie keer zo grote vorm heeft aangenomen. Er ontstaat een mix in mijn hoofd van gedachtes uit deze emmer, plus de zelfhaat wegens het raam dat ik open heb laten staan en het onbegrip van iedereen die vindt dat ik me ongelofelijk aanstel met deze gedachtes omdat ik een beetje onweer heb gemist. Dit leidt tot een supercell aan onweer in mijn hoofd dat me wederom een lange en eenzame nacht heeft wakker gehouden. Ik keek af en toe nog naar buiten, maar ik zag geen flitsen of ik hoorde geen gedonder. Ik baalde verder, het echte onweer had ik dus echt gemist.

Vijftig

Deze blog gaat niet over de temperatuur op mijn kamer, al had dat ook zomaar gekund. In plaats daarvan gaat het over de alweer meer dan 50 pillen die ik naar binnen heb gewerkt. Niet één van die pillen, die sommige van mijn vrienden wel eens slikken op festivals en mooie nachtfeesten deze zomer, maar puur vergif zoals ik het tot nu toe nog noem: antidepressiva.

45 stuks citalopram, ondersteund door 3 doktersafspraken, een telefonisch consult, 3 apotheekbezoekjes en 6 therapie sessies. En nu precies een week aan de sertraline, ook alweer met twee apotheek bezoekjes, 2 bezoeken aan de dokter en een therapie sessie. “Als je toch al je eigen risico al hebt verbruikt moet je de zorgverzekering maar optimaal benutten” zullen we maar zeggen.

Veel meer dan slapeloze nachten, droge mond, misselijkheid, extra darmkrampen en verhoogde spanningen heeft het me tot nu toe nog niet echt gebracht. Hopeloos wordt ik er langzamerhand van en hoewel ik weet dat ik meer persoonlijkheids- problematiek heb waarbij therapie meer helpt dan deze pillen, begint het geduld langzamerhand op te raken.

Wie mij begin dit jaar had gezegd wat ik in dit eerste half jaar allemaal door zou maken had ik opgesloten in een gesticht. Echter ben ik er zelf nu meer rijp voor dan jullie waarschijnlijk. Mijn doorzettingsvermogen en daadkracht, wat door velen als mijn sterke eigenschappen wordt benoemd, komen steeds minder vaak tot uiting. Een voorlichting gaat vandaag alweer niet door, omdat ik te depressief ben om voor de groep te staan. Een ultiem schuldgevoel over schaduwt zich en ik moet er niet aan denken dat ik nog 50 van zulke dagen moet…

Vakantie

Al sinds onze kindertijd kijken we allemaal uit naar vakantie. Tenzij je een hele leuke juf of meester had natuurlijk, maar over het algemeen verheugen we ons altijd wel op die paar weken vrij van werk, school of studie gedurende de zomer. Even ontsnappen aan al die stress, even geen verplichtingen en vooral doen waar je zin in hebt.

Ik dacht de afgelopen maanden al veelvuldig dat ik er aan toe was. Met een aaneenschakeling van pijnlijke confrontaties, moeilijke gesprekken en tegenvallers wilde ik even niet meer naar werk hoeven gaan of geen nieuwe dag moeten opstaan met al die verplichtingen.

Nu het vandaag echter zo ver is gekomen heb ik een ultiem gevoel dat ik hem helemaal niet verdien. Door alle keren dat ik niet uit bed kon komen had ik al mijn verlofuren allang opgemaakt en kon ik nooit 3,5 week vrij nemen. Bovendien stonden er nog 80 mails open die ik beloofd had te beantwoorden voor de vakantie. Met nog enkele overleggen vandaag kwam ik daar natuurlijk ook niet aan toe. Van 8 uur vanmorgen tot kwart voor 7 vanavond nog geprobeerd een hoop te doen, maar veel was doorsturen met als boodschap “kan jij dit misschien doen, ik heb er helaas geen tijd voor gehad en ga nu drie weken op vakantie”. Mochten ze nee antwoorden krijgen ze een automatische reply met dat ik mijn mail pas 27 juli weer beantwoord.

Ergens wel goed dat ik deze lijn nu heb getrokken en na alle stress en chaos nu echt 3,5 week vrij neem. Helaas voelt het nog niet zo. Ik laat mijn collega’s in de steek en heb de afgelopen maanden veel te weinig uitgevoerd waardoor ik deze vakantie echt niet verdien en nog veel werk en taken die ik had beloofd achter laat. Al die keren dat ik ja zei tegen taken, omdat ik er wel ruimte voor had in mijn agenda, maar niet in mijn hoofd. Die mailtjes van eind maart met taken die ik maar bleef uitstellen of waarover ik loog dat ik ze al had gedaan. Nee, dat ze me nog niet ontslagen hadden snapte ik echt nog niet. En ergens voel ik me nu als aan het begin van het boek “Paaz” van Myrthe van der Meer. Op mijn laatste dag voor mijn vakantie, misschien wel dat ik nooit meer terugkom op mijn werk, omdat ik naar de dagbehandeling moet of moet naar een psychiatrisch ziekenhuis. Want als mijn negatieve en suïcidale gedachtes niet heel snel op een lange vakantie gaan (het liefst een enkele reis) is daar misschien geen ontkomen meer aan…

Overlijden

Toen ik gisteren na een enerverende maandagmorgen (had een zware therapiesessie en werd zomaar opeens op straat achtervolgd en bedreigd door een junk die ook nog een ijzeren voorwerp naar me wist te gooien) op mijn werk kwam, miste ik gelijk één van mijn directe collega’s. Ik kreeg hier gelijk een naar voorgevoel bij. Als zij afwezig was wist ik dat altijd wel vantevoren en het viel altijd gelijk op als ze er niet was. Ik zag niet gelijk iemand anders die veel contact met haar zou hebben dus besloot het maar even te laten en toch aan het werk te gaan.

Toen ik een uur later wel een andere directe collega zag, en waarmee we met zijn drieën gezamenlijk vaak gaan lunchen, merkte ik gelijk al dat ze slecht nieuws had. De collega die er niet was, was er niet, omdat haar vader die nacht was overleden. Er schoot gelijk een brok in mijn keel. Hoewel ik deze man nooit in het echt had ontmoet en wist dat die veel lichamelijke complicaties had, kwam dit nieuws toch rauw op mijn dak. Sneu voor mijn directe collega, die al een moeilijke periode achter de rug heeft door verschillende oorzaken.

Het is een overlijdensbericht in een reeks van vele overlijdensberichten de afgelopen maand. Ik moet zeggen dat het me steeds weer opnieuw raakt. Veel van de personen waarover de berichten gingen stonden overigens niet heel erg dichtbij me, op de buurman / goede vriend van mijn ouders vorige week na. Maar het nieuws dat ouders van mensen overlijden, of vrienden of vriendinnen van vrienden van me al op zeer jonge leeftijd of andere kennissen, raakt me altijd weer diep.

Ik denk dat het voor een deel komt door de vele begrafenissen en crematies die ik al heb bijgewoond op mijn 27e levensjaar. Beide oma’s en opa’s zijn reeds overleden (1 heb ik nooit gekend), een tante, oud-collega, vader van een hele goede vriendin, tafeltennistrainer(s) en de meest heftige vorig jaar: mijn neefje, waarbij ik zelfs zijn kist heb mogen dragen. Veel van deze mensen schieten dan weer door mijn hoofd en hoe erg ze gemist worden door vele mensen als ook mijzelf. Daarnaast ben ik een gevoelig mens en geef ik veel om de mensen om me heen, dus vind ik dergelijk nieuws voor één van mijn naasten altijd weer naar om te horen. Maar het meest pijnlijke is misschien nog wel dat ik zelf dagelijks met mijn eigen dood bezig ben, en me ergens schuldig voel daarover als ik dan hoor over een echte dood. Of erger nog, dan denk: was ik maar de persoon die was overleden. De persoon die nu is overleden levert zo veel verdriet op bij zoveel mensen en ik zie van mezelf bijna alléén maar de voordelen en de lijdensdruk die daardoor wordt weggenomen. Maar aan de andere kant zie ik ook wat het echt met mensen doet, en kan ik het mijn ouders, overige familie, vrienden en collega’s echt niet aandoen. Ik zal het tegen hen nog wel even langer volhouden, en met hen praten over lijden…

Agenda / Planning

Wie mijn agenda/planning zag van afgelopen weekend zou denken dat daar echt niet iemand achter schuilt gaat met depressieve klachten. Het lijkt meer op iemand die tegen een burn-out aan zit of laat zeggen dat er mensen met een minder stressvolle agenda in een burn out zijn geraakt.

Het begon op vrijdagavond al met de organisatie van een beachparty (chillparty) op het waalstrandje voor de homojongerenorganisatie waar ik drie jaar voorzitter van ben geweest en nu actief ben in de jubileumcommissie. Daar bleef ik natuurlijk weer veel te lang hangen om in de zeiknatte regen nog even verder te helpen opruimen. Vervolgens moest ik de volgende dag weer vroeg opstaan om voor ander vrijwilligerswerk (John Blankesteijn Foundation –> JBF) homoseksualiteit in de sport bespreekbaar te maken. Samen met alle vrijwilligers dachten we na over hoe we internationaal iets konden betekenen en hoe we JBF meer op de kaart konden zetten en hoe we hiermee geld konden genereren voor de JBF. Mijn inzet werd hier erg gewaardeerd, en ergens was het na een korte nacht ook een fijne positieve opleving. Gelijk door vanuit hier ging ik naar het uitje van het voorlichtingsteam van het COC (Ander vrijwilligerswerk van me), waarin we een potje pitch&putt speelde, gezellig gingen bbqen en nog gezellig bijkletste of een soort spelletje speelde. Vanuit hier heel even naar huis om om te kleden om nog met deze groep te gaan stappen.

De volgende dag (zondag) kon ik een beetje uitslapen, maar ging ik vervolgens weer naar Ede om een goede vriend uit te zwaaien die 4-9 maanden op reis gaat. In de trein terug kwam ik nog een bekende tegen en praatte ik nog even bij. Daarna moest ik nog even mijn zonnebril ophalen bij een vriend om vervolgens op de fiets door te gaan naar twee andere vrienden om daar te eten en bij te kletsen. Kortom een druk sociaal leven. Een depressief iemand of iemand met een burn out was al 100 keer neergevallen en had dit echt niet aangekund.

Wie echter mijn werkweek van vorige week bekeek zag hoeveel moeite ik had om mezelf uit bed te slepen, om energieloos richting de douche te gaan en pas om 10.30 met moeite aan te kakken op mijn werk om vervolgens 3 regels te typen op een hele dag om dan weer naar huis te gaan om vervolgens geen energie te hebben om boodschappen te doen en voor mezelf te koken, maar al weer snel onder een dekentje weg te duiken, zou wel denken aan een echt depressief persoon.

Een echt depressieve stoornis heb ik dus niet, maar wel een dysthyme stoornis, waarbij je langdurig lichte depressieve klachten hebt en je moeilijk van dingen kunt genieten. Dat kwam eigenlijk ook wel tot uiting in mijn drukke weekend, toch was ik ergens best trots dat ik dit allemaal kon opbrengen dit weekend. Echter toen vanmorgen mijn wekker ging voor therapie en voor het slikken van een nieuwe pil, was ik nog doodop, was de therapiesessie weer zwaar en lukt nu op werk nu ook weer vrij weinig. De gevoelens een mislukkeling te zijn, dat alles waardeloos is en dat het alweer 29 juni is en nog steeds alles uitzichtloos is, helpen daarbij niet. Ik had al vele belangrijke stappen genomen in mijn agenda de afgelopen maanden, maar de conclusie na afgelopen weekend is eigenlijk wel dat ik in mijn agenda/planning nog meer dingen moet schrappen wil ik stapjes vooruit kunnen maken. Want mijn dysthyme stoornis wordt steeds zwaarder, lijkt soms op een echte depressie en te veel dingen ondernemen is soms echt te zwaar. Helaas moet mijn agenda / planning er nu ook steeds meer aan geloven..

Ik en mijn computer

Ik had niet verwacht dat ik ooit een blog zou schrijven op mijn werk over mijn psychische kwetsbaarheid, maar nu doe ik dat toch. Ik had ook al helemaal niet verwacht toen ik vol enthousiasme begon begin mei met bloggen, dat ik zo zou stil vallen gedurende de eerste 7 weken. Ik wilde jullie graag meenemen in mijn ervaringen met de pil citalopram, jullie meenemen in de vele confrontaties die een psychisch kwetsbaar iemand iedere dag doormaakt, op zowel werk, sociaal leven, sport, vrijwilligerswerk en in alle andere dagelijkse dingen.

Helaas waren er echter zoveel pijnlijkheden en confrontaties dat ik vaak in de avond onder een dekentje kroop, weg van mijn computer. Daarnaast gaat het net als met mij, met mijn computer ook helemaal niet zo goed. Zoals ik mezelf ook niet altijd goed genoeg heb beschermd tegen de buitenwereld, deed ik dat bij mijn computer ook niet. En hoewel ik wel een virusscanner had staan op mijn computer, werkte die niet helemaal naar behoren, waardoor veel sites niet meer willen openen en er constant veel popups verschijnen op mijn scherm. Het is eigenlijk wel te vergelijken met mijn antidepressiva. Hoewel ik hem braaf slikte iedere dag (tot gisteren), kwamen er nog steeds talloze gedachtes in mij op, veelal helemaal niet met het gesprek te maken die ik voerde of met de bezigheid waarmee ik bezig was. Veelal zat er een strekking was ik maar dood, of een andere onzekerheid die ik etaleerde.

Nu ruim 6,5 week verder en 101 confrontaties, moeilijke gesprekken, tegenvallers, therapiesessies, doktersafspraken en de apotheek platgelopen te hebben mis ik het bloggen eigenlijk toch wel en probeer ik het weer op te pakken. Absoluut geen garanties in mijn drukke leven, met mijn depressie, werk, vrijwilligerswerk, sociaal leven en al het andere wat ik nog steeds probeer, dat ik het nu wel vol ga houden, maar ik ga in ieder geval weer een poging doen tot.

Ik heb dus 6,5 week citalopram geslikt. De slapeloosheid en droge mond bleven en mijn negatieve gedachtes en spanningen helaas ook. Hierdoor heb ik in overleg met mijn huisarts besloten om over te stappen op een nieuwe antidepressiva: sertraline. Vandaag merk ik weer een aantal klachten die ik ruim 7 weken geleden ook voor het eerst voelde. Duizeligheid, hoofdpijn en andere aanverwante klachten. Helaas net nu ik een bommetje vol weekend heb. Net zoals de afgelopen weken duik ik weer het liefste weg onder dat dekentje, maar geef ik nu eens niet toe aan dat gevoel en ga ik wel zoveel mogelijk nog de uitdagingen aan. Hopelijk kan ik jullie daarin meenemen, en herstel ik en mijn computer spoedig, zodat jullie voldoende updates van mij kunnen krijgen. Wellicht kan ik jullie dan ook nog meenemen met wat flashbacks van een bewogen afgelopen twee maanden.

Mijn gevoel op dit moment…

Het leuke is niet meer leuk,
Het mooie is niet meer mooi,
“Het wordt beter” is een leugenachtige spreuk.
Ik snap niet waarom ik me niet voor de trein gooi.

Het pijnlijke doet extra pijn,
De volgende teleurstelling is extra groot,
“Kop op, je hebt vele vrienden en werk” voel ik niet in mijn brein.
Ik snap niet waarom ik mezelf niet verdrink in een sloot.

Het begrip voelt niet begrepen,
De knuffel komt niet meer aan,
“Je zet moedige stappen” voelt als mezelf overal heen slepen,
Ik snap niet waarom ik nog niet zonder parachute uit een vliegtuig ben gegaan

De slapeloze nachten duren een eeuwigheid,
Ik bevind me niet meer graag in mijn vriendenkring,
“Het wordt zomer” zie ik als een te vrolijke kut tijd.
Ik snap niet waarom ik nog niet van een flat spring.

De lichamelijke klachten duren voort,
Alle stapjes voelen als een te lange strijd
“Je hebt nog een hele leven voor je” heb ik al te vaak gehoord.
Ik snap niet waarom ik niet mijn polsen doorsnijd.

Afleiding voelt als confronterend,
Op feestjes ben ik opeens die stille.
“Ik weet niet wat ik moet zeggen” zeggen de meeste vrienden afkerend
Ik snap niet: waarom neem ik geen overdosis pillen.

Talloze gesprekken over eigen inzicht,
Die pillen maken het zogenaamd minder grauw,
“Nog even volhouden” ga ik langzaam richting een gesticht.
Ik snap niet: waarom hang ik mezelf niet op in een verlaten bos aan een touw.

Alleen maar mensen om me heen die genieten,
Nieuwe relaties, verhuizing, bij iedereen vliegensvlug.
“Ik ben er voor je” en dan toch niet kan ik afschieten.
Ik snap niet: waarom ik niet allang spring; van die brug.

Mensen weten niet wat ze met me moeten,
Ik voel me eenzaam, somber, daar komt een traan,
“Knuffel, liefs, kusje” en nog veel van die zinloze groeten
Ik snap niet: waarom ik nog niet in een kamer vol met gas ben gaan staan.

Elke dag, bommetje vol met stomme verplichtingen,
Uit bed slepen doet zo’n pijn.
“Ook jij gaat geluk voelen” en nog 1000 van zulke dingen
Ik snap niet: waarom kan ik er gewoon niet meer zijn.

Feest

Vorige week schreef ik over een feest van erkenning die ik haalde uit overige blogs en boeken. Daarna was ik even stil, het was een hel van een week en zelfs de energie voor het schrijven van een blog kon ik niet meer opbrengen. Besides veel lezers had ik ook niet, dus veel mensen stelde ik ook weer niet teleur.

Het begon allemaal vorige week met een feest waar ik heen ging. Het was een verjaardag van een vriendin waarmee ik de volgende dag zou afspreken om alles te vertellen. Ik kwam er rond een uurtje of half 6 nadat ik in de middag naar de film Ventoux was geweest en fijn de Ronde van Italië (wielrennen) had bekeken op tv, samen met mijn beste vriend van de middelbare school. Eigenlijk echt wel een hele fijne zaterdag.

Ik kwam binnen en deze vriendin is zo’n 10 jaar ouder, dus ik zag een hele andere vriendenkring dan mijzelf. Veel, maar dan ook heel veel kinderen. En in de avond een grote vriendengroep waar ik niet echt bij hoorde. Er waren tot een uur of 8 nog wel wat bekenden van mij, maar deze moesten allemaal vanwege hun volle agenda natuurlijk weer vroeg gaan op het feest. Veel stelletjes en gesettle, waardoor mijn slechtste eigenschap (jaloezie) de overtoom voerde op de avond. Daarnaast had ik met mijzelf de afspraak om voorlopig antidepressiva te slikken zonder de combinatie van alcohol.

Ik zelf ben echter normaliter elk weekend aangeschoten en heb louter vriendengroepen waar alcohol drinken er nou eenmaal bij hoort, waardoor dit een grote uitdaging voor mij is. En zo bleek ook op dit feestje. Ik had nog last van de bijwerkingen die bij de eerste week hoorde, de slapeloosheid, misselijkheid en droge mond en daardoor bleef ik bij dit standpunt. Dit zorgde op het eind van de avond voor rondjes halen met 9 bier en een sparoodje of colaatje voor mij. Op zich was het allemaal nog gezellig, al had ik duidelijk last van het psychische bezwaar dat ik even niet kon drinken met antidepressiva. Min of meer had ik mijzelf in een hokje gedrukt en had ik het daardoor ook niet echt gezellig. Ik bleef uiteindelijk tot een uurtje of 12 waarna ik nog even thuis de laatste etappe van de Ronde van Californië zag. Het wielrennen en de rust samen met mijn beste vriend waren de hoogtepunten van de dag. Het feesten, naast de feest van erkenning, was even echt niet aan mij besteed.

Feest der herkenning

Eén van mijn weinige goede voornemens die ik dit jaar wel heb gehaald is meer lezen. Vooral boeken over onderwerpen die mijn interesse wekken natuurlijk, zoals sport en misdaad. Van nature ben ik ook meer geïnteresseerd in het verhaal achter de mensen, dus het boek ‘Kieft’ van Michel van Egmond las ik ook met veel interesse. Onvoorstelbaar hoe een voetballer zichzelf zo kan verliezen en verslaafd kan raken. Niet alleen verbijstering volgde, maar ook erkenning in zijn negatieve gedachtes die hem tot wanhoop dreven.

Vanuit dit boek las ik het boek van Zarayda Groenhart: ‘Het waarom meisje’. Hoewel dit boek wat poëtischer is geschreven, moest ik me wel wat meer in dit boek zien te worstelen. Maar de openheid, het omgaan met sexueel misbruik en de beschrijving van familiebanden deden mij heel veel. Hoewel ik nooit iets soortgelijks heb mee gemaakt, godzijdank, kon ik bepaalde zaken toch herkennen en werd ik uiteindelijk erg gegrepen door het verhaal.

Dit was natuurlijk helemaal het geval in het volgende boek dat ik las: ‘Paaz’ van Myrthe van der Meer. Bizar, van elke pagina kon ik wel een quote halen die ik momenteel ook zou kunnen zeggen. Hoewel ik nooit ben opgenomen geweest in een inrichting of psychiatrisch ziekenhuis, herkende ik veel in gedachtes, in de relatie met therapeut en de inmiddels ongelofelijke slapenloosheid die ik deze week ervoer van de pillen. Soms was het allemaal zo herkenbaar en confronterend wat ik las dat ik het boek soms echt even weg moest leggen. Toch heb ik het uiteindelijk helemaal uitgelezen en kan ik niet wachten op het vervolg UP. Vooral de gedachtes dat ik de therapie allemaal niet zou verdienen, omdat anderen veel ergere dingen hadden meegemaakt of de gedachtes dat er weer een volgende dag zou komen met dezelfde strijd en moeilijkheden kwamen pijnlijk, maar o zo herkenbaar binnen.

Het volgende boek ligt al weer voor mij klaar: ‘Pil’ van Mike Boddé. Ik vermoed opnieuw een zware dobber, maar ook een feest der herkenning. Want hoewel ik nog steeds moeite heb met het toegeven dat ik antidepressiva slik en dat het helemaal niet zo goed met me gaat, en ik nog steeds denk dat ik de enige ben die zich zo voelt en dat de buitenwereld toch niets van mij begrijpt, vind ik het erg fijn om te lezen dat anderen daadwerkelijk ook deze strijd doormaken. Ook overige blogs van mensen hier op wordpress kunnen een klein stukje eenzaamheid van me wegnemen. Na één week bloggen en de pil die ik voor het eerst in huis had weet ik daarom één ding zeker, ik vind het fijn om te bloggen, ergens helpt het me en ik denk dat ik het nog geruime tijd zal blijven doen. En al is het maar voor één iemand anders een feest der herkenning om mijn blogs te lezen en/of te volgen, dan is mijn doel allang bereikt!