Themaweek: Suïcide (prevention) week: Mijn persoonlijke verhaal…

Het is vandaag officieel Wereld suïcide preventie dag! En dat dit nog hard nodig is blijkt wel uit het nieuws van deze week, als wel mijn eerdere blogs van deze week. Ik zou aan jullie willen oproepen om jullie eigen steentje bij te dragen aan deze dag: maak minstens 2 mensen een compliment, vraag eens aan iemand hoe het echt met die persoon gaat, maak met iemand contact die je al in geen maand heb gesproken en probeer in een gesprek eens heel goed te luisteren, zonder over jezelf te beginnen. Een van voorgaande dingen zou zomaar de redding kunnen zijn of het kleine steuntje in de rug van iemand met psychische klachten, of misschien wel van iemand met suïcidale gedachtes. Dan draag ik mijn steentje bij door het delen van mijn persoonlijke verhaal..

Natuurlijk deelde ik deze week al wel het één en ander aan gedachtes, hoe ze terugkomen en hoe lang ze al aanwezig zijn. Ook vertelde ik al over wanneer de heftigere gedachtes er waren. Ik heb echter nog niet verteld over wanneer de gedachtes zijn ontstaan, wanneer mijn moeilijkste momenten er zijn geweest en welke plannen ik daadwerkelijk heb gehad. Nauwelijks bekomen van de zelfmoord van Joost Zwagerman en in een persoonlijk slechte week denk ik dat het delen van mijn verhaal, erover kunnen praten van groot belang is voor de acceptatie ervan. Daarom deel ik hierbij graag mijn verhaal, ik hoop dat jullie het niet als te choquerend zullen ervaren. Het kan als triggerend worden ervaren en erg heftig, lees dus alleen als je weet dat je dit zelf aankan en of het nu zo geschikt moment is om dit (uitgebreide verhaal) te lezen..

Mijn eerste herinnering aan een gedachte aan zelfmoord was rond mijn 15/16e levensjaar. Ik vond sowieso mijn basisschool tijd veel leuker als mijn middelbare school tijd. Ik ging naar de middelbare school zonder veel vrienden van de basisschool, die gingen allemaal naar een andere school. Op de middelbare maakte ik niet heel makkelijk vrienden. Ik was niet verlegen, maar ik had gewoon niet echt maten waarmee het klikte. Dit zette zich ook zo voort door steeds veranderingen in de klassen. Ik heb er eigenlijk ook nog maar 1 goede vriend aan over gehouden. Ik presteerde ook lang niet zo goed als mijn zus en in tegenstelling tot haar haalde ik regelmatig onvoldoendes. Dit kwam mede door de strijd die ik met mezelf voerde doordat ik erachter kwam dat ik jongens leuker vond dan meisjes. Ik had mijn pa al eens horen zeggen over twee mannen die hand in hand liepen, “zo wordt jij later niet hé”.Toen mijn ouders erachter kwamen was ik daar ook nog lang niet klaar voor. Mede hierdoor, en mijn zus die veel beter presteerde en waar ik voor mijn gevoel vaak op werd gewezen, voelde ik me totaal niet prettig thuis. Ik kon er niet met mijn ouders over praten. Daarnaast heb ik door mijn kippenborst een kromme rug ontwikkeld en mede daardoor werd ik wel eens quasimodo genoemd, zowel op school als bij mijn tafeltennisvereniging. Op mijn tafeltennisvereniging draaide ik ook net niet lekker mee op het hoogste niveau, en werd ik wel eens voor de grap als minderwaardig weggezet. Zo was het een optelsom waardoor ik een negatief zelfbeeld ontwikkelde. Ik weet nog dat ik toen in de fase zat toen mijn ouders net achter mijn homoseksualiteit waren gekomen dat ik hier absoluut niet over kon en wilde praten met mijn vrienden. Ik tekende een flat in de klas met als poppetje mijzelf erop en dat ik er af van wilde springen, uiteraard wel in mijn eigen schriftje, maar liet ik het wel al zien aan een goede vriend. Ook in mijn coming out naar vrienden toe maakte ik er vaak van, jullie willen vast geen vrienden meer met mij zijn als jullie dit weten, en ik moet eigenlijk echt dood. Die laatste gedachte nestelde zich eigenlijk in mijn hoofd en kan mij nu amper herinneren dat ik daar een dag niet aan heb gedacht.

Dit bleef in de 4e, 5e en 6e klas zo van de middelbare school en ook toen ik ging studeren in Nijmegen. Ik bleef thuis wonen(in het redelijk Christelijke Ede) en de band met mijn ouders werd er niet beter op. Het was gewoon niet altijd gezellig thuis en ik had moeite om open te zijn naar mijn ouders, mede doordat mijn vader nog wel eens bleef wijzen naar meisjes of die niets voor mij waren en ik hem niet durfde te verbeteren. Daarnaast ontwikkelde ik veel darmklachten, waar ik bij de huisarts ook niets mee kon, of dat er na MDL onderzoek in het ziekenhuis in ieder geval niets werd gevonden. Bij de supermarkt waar ik werkte was mijn homoseksualiteit soms ook een issue, en ook al was ik op een gegeven moment de jongen met de meeste ervaring, ik kreeg niet dezelfde verantwoordelijkheden als jongere werknemers met minder ervaring en zo voelde ik mij niet volledig gewaardeerd. Kortstondige relaties en opnieuw niet echt aansluiting met veel mensen op de studie zorgde voor opnieuw een negatief zelfbeeld. Daarnaast was ik opnieuw in de kast gegaan op de universiteit. Zo leed ik nog een dubbelleven. Mijn propedeuse haalde ik met moeite in 2 jaar en dit kwam erg onder druk te staan als ik ook moeite had met aansluiting met studiegenoten. Ik wilde eigenlijk wel een studentenleven, maar dit kwam nooit echt van de grond doordat ik nog thuis woonde. De gedachtes aan de dood en beter dood kunnen zijn werden zo alleen maar meer bevestigd, maar dit bleef in de eerste jaren van mijn studie ook bij passief suïcidale gedachtes.

Ik was in Ede al stiekem bij een homojongeren vereniging in Wageningen geweest als dat ik ook op Hojokamp ging in een zomer. Ik deed dit beide stiekem en durfde dit niet te vertellen tegen mijn ouders. Mede was ik ook op dit kamp geweest, omdat ik eigenlijk niet echt vrienden had waarmee ik samen op vakantie kon gaan. Of het was een groep met stelletjes waar ik dan alleen maar jaloers op werd. Mijn darmklachten werden ook erger. Naast mijn studie werd ik wel actief bij een homojongerenorganisatie. Daar werd ik in eerste instantie ook afgewezen voor het bestuur. Voor mijn kromme rug ging ik in mensendiecktherapie, maar dit hield ik niet vol met oefeningen, waardoor mijn kromme rug altijd redelijk is gebleven. Daarnaast ging ik in bekkenbodemtherapie, voor aanverwante klachten van mijn darmen.Daarnaast liep mijn studie door het negatieve zelfbeeld dat groeide en mijn darmklachten en al mijn vrijwilligerswerk daarnaast veel vertraging op en kwam het onder druk te staan. Door mijn negatieve zelfbeeld, grote onzekerheid en passief suïcidale gedachtes die aanwezig waren besloot ik naar de studieadviseur te stappen. Deze verwees mij door naar mijn studentpsycholoog en deze weer naar een therapeut. Hierin durfde ik niet door te pakken en al mijn negatieve kanten te laten zien. Met cognitieve gedragstherapie werd een deel van mijn onzekerheid getackeld. Echter na 12 sessies moest ik stoppen en verviel ik vrij snel weer in mijn onzekerheid. Mijn eerste echte relatie, die ook maar 3,5 maand duurde ging ook uit in die tijd en was een klap die ik niet meer echt bovenkwam. Daarin was ik ook gewoon heel negatief en geloofde ik niet dat iemand mij leuk kon vinden. Daarnaast speelde er enkele lichamelijk klachten met seks, waardoor ik daarna altijd alleen maar kon denken ik moet echt dood, ik moet echt dood. De gedachtes aan de dood waren er niet alleen vaker, maar werden ook concreter. Dit kwam ook door de onzekerheid met seks en een goede vriend die afscheid van me nam doordat ik deze gedachtes ook steeds meer over de app ging uiten. Ik deed dat sinds mijn 21e al steeds vaker en dit vond zich allemaal eigenlijk plaats rond mijn 23e/24e. Ik las destijds ook al met meer interesse over zelfmoord, maar op actie overgaan durfde ik echt niet. Ik uitte het alleen naar wel een aantal goede vrienden die hier dusdanig veel moeite mee kregen, dat het contact met sommige een beetje ontspoorde of zelfs echt helemaal overging.

Vanaf toen ging het eigenlijk helemaal minder, maar vond ik dat de trein door moest. Ik probeerde alles te ontkennen en ging door met mijn master, als voorzitter van de homojongerenorganisatie (in tweede instantie wel toegelaten tot bestuur), als voorlichter nog bij het voorlichtingsteam en met mijn bijbaantje in de supermarkt als nog wel bij mijn tafeltennisvereniging. Inmiddels woonde ik wel op mezelf in Nijmegen en was ik daar ook gaan tafeltennissen. In tafeltennis hier sloot ik wel aan bij team 1, maar was ik wel duidelijk het minste van het team, waardoor ik nog meer het gevoel kreeg er niet te mogen zijn. Daarnaast zag ik iedereen in mijn omgeving opgroeien met relaties voor mijn gevoel en ontstond er bij mijzelf een steeds eenzamer gevoel. Dit zette zich om in nog meer suïcidaal appgedrag. Deels kwam dit dus door de vraag om aandacht, maar vooral ook doordat die gedachtes aan liever dood willen zijn ook steeds vaker terugkwamen in mijn hoofd. Meestal waren dat gedachtes als “Waarom moet ik nog bestaan” en “Wat als ik het vandaag gewoon zou doen” en meestal ging ik ook naar bed met het gevoel de volgende dag maar beter niet meer wakker te kunnen worden.

Dit bleven gedachtes die aanbleven in mijn hoofd. In 2013 werd ik door mijn leeftijd ontslagen bij mijn bijbaantje en kwam er grote druk te staan op mijn masterthesis, die ik al eens opnieuw was begonnen, en omdat ik mijn master moest halen in twee jaar. Mijn neefje kwam daarbij ook nog te overlijden. Dit zorgde voor veel stressmomenten, waardoor de relatie met mijn ouders en de darmklachten (is na onderzoek prikkelbare darmsyndroom vastgesteld) ook verergerde, door de stress die ik intern voelde. Ik was destijds ook nog voorzitter van de homojongerenorganisatie, maar stopte daarmee in de zomer. Hierdoor vielen ergens ook veel sociale momenten weg (vergaderingen etc.). Ik zat nog wel bij andere vrijwilligersorganisaties (voorlichter, bestuurslid roze huis voor huisvesting roze organisaties in Nijmegen, John Blankesteijn Foundation, bestuurslid tafeltennisvereniging), maar kwam niet zo vaak bijeen. De strijd met mijn negatieve gedachtes en een scriptie moeten schrijven ervoer ik als zwaar. Ik kon mezelf moeilijk motiveren, ook al stond er zoveel druk op. Dit resulteerde in een resultaat van een 6 voor mijn masterthesis en uiteindelijk een afgerond traject van 7,5 jaar over een studie van 4 jaar. Ik vond het niet meer echt een prestatie van mijzelf. Dit kwam mede door mijn begeleider die me nog een trap na gaf en vond dat ik hem niet genoeg had bedankt en dat ik een aantal dingen echt verkeerd had gedaan met mijn verdediging, waarmee die insinueerde dat hij mij had gematst. Dit versterkte alleen maar mijn negatieve zelfbeeld en dat ik geen bestaansrecht had. Daarnaast kwam het tot een groot conflict met mijn ouders in die tijd over de tijd rondom de acceptatie van mijn homoseksualiteit en dat we daar nooit meer over hadden gepraat. Dit alles zorgde ervoor dat ik eind 2013 nog meer met de dood bezig was. Als ik op een hoog gebouw was droomde ik niet meer alleen van durfde ik hier maar vanaf te springen, maar werden het ook gedachtes als waarom zou ik het nu niet doen..

Een pijnlijke kerst volgde met deze confrontatie nogmaals met mijn ouders aan het kerstdiner, waarna er weer een tijd volgde waarin het eigenlijk werd doodgezwegen. Het was ook een tijd waarin ik moest solliciteren en dit met mijn psychische klachten best wel heel erg zwaar werd. Afwijzing na afwijzing volgde, waardoor ik alleen maar werd bevestigd in mijn negatieve zelfbeeld. Uiteindelijk kon ik wel bij de gemeente aan de slag, maar wel met een starterbeurs en dus maar loon op bijstandsniveau, wat ik daarvoor dus ook tijdelijk ontving. En voor een net afgestudeerde van onder de 27 was dat dus rond 700 euro. Tijdens het laatste deel van mijn studie kon ik ook al niet meer bijlenen, dus mijn spaargeld ging behoorlijk op. Ik had wel een erfenis gekregen eind 2013, waardoor ik dus ook begon met rijlessen. Dit ging heel slecht, mede door mijn motoriek en daardoor moest ik over naar een automaat, maar kon ik na een aantal lessen wel weer terug. Daarnaast solliciteerde ik om coördinator te worden van het voorlichtingsteam, maar werd ik hier ook afgewezen (wat ik totaal niet had verwacht). Daarnaast kreeg ik een vriendschap die niet goed voor me was, we sleepte elkaar mee in negativiteit en ik kwam achter een leugen, waardoor ik met hem moest breken. Dit zorgde ervoor dat mijn passief suïcidale gedachtes actiever werden. Ik was begin dat jaar al naar de huisarts gegaan voor mijn aanhoudende klachten aan mijn darmen en hier kwam wederom niets uit na onderzoeken. Hierdoor ging ik met een praktijkondersteuner aan de slag en deelde ik al veel meer over mijn gedachtes. Deze werden dus ook heftiger en dit zorgde er in oktober vorig jaar voor dat ik contact zocht met 113online. Ik was de wanhoop nabij. In de nacht stond ik op om daadwerkelijk naar het spoor te gaan fietsen, maar verder dan aankleden en wanhopig proberen te huilen (ik kan gewoon niet huilen) lukte niet. Bij het zien van een hoog gebouw dacht ik aan hoe ik er in de nacht nog naar binnen kon komen en hoe ik ongezien dan kon springen. Het liefst dat niemand het zou merken, niemand zou me toch missen, en kon dan weer verder gaan met zijn normale leven. Op een nacht begon ik ook aan het schrijven van mijn afscheidsbrief, die staat nog ergens in een mapje staat op mijn computer, maar heb ik nooit afgemaakt.

Ergens voelde ik dus nog wel een strohalm, en zocht ik contact met 113online, ik wist dat ik echt hulp moest zoeken voor mijn suïcidale gedachtes. Ik zocht contact over de mail, bellen durfde ik niet. Ergens was het soms fijn om mijn verhaal kwijt te kunnen, maar een reactie na pas 5 dagen en nadat ik bij ggz eindelijk terecht kon (wachtte ik 4 maanden op), werd het contact verbroken. Toen ik afgelopen kerst met een longontsteking thuis het opnieuw allemaal niet mer zag zitten kwam de reactie van 113online dat als je al een traject in de ggz loopt dat ze dan niet twee trajecten door elkaar willen hebben en dat mijn dossier eigenlijk al was gesloten. Als ik had gebeld met ik sta nu op een hoog gebouw, dan hadden ze mij waarschijnlijk wel geholpen, maar nu konden ze dus niets doen, terwijl ik mijn therapeute pas weer een paar weken later zou zien. Dit voelde als een nieuwe afwijzing. Ik was inmiddels ook gezakt voor mijn rijexamen, en evalueerde over 2014 dat ik opnieuw al mijn doelen niet had behaald. Ik appte alleen nog maar negatieve berichtjes, met vaak daar een doodswens erin. Dit zorgde ervoor dat ik in de eerste therapiesessie in januari alleen maar een monoloog hield tegen mijn therapeute dat ik vooral recht had om dood te zijn. Ik moest in die week dagelijks mijn therapeute bellen om te vertellen hoe het ging en er op toe te zien dat ik daadwerkelijk niet op actie overging. Ze had het gevoel nog wel contact met me te kunnen maken, en voelde zich daarom niet genoodzaakt om de huisarts verder in te lichten of te moeten aansturen op een acute opname.

Ondertussen probeerde ik niets te laten merken op werk en dit ging soms wel en soms niet. Ik heb er sowieso altijd wel een dubbelleven op nagehouden en herken wel veel in wat ze zeggen over Joost Zwagerman. Ik ben vaak nog een enthousiaste, grappige jongen, met ook redelijk wat intelligentie, die bijvoorbeeld als ik een voorlichting mag geven of mag meedenken over de Homo-acceptatie in de sport dat ik dit vol enthousiasme en goede ideeën kan doen. Ik denk dat veel mensen in mijn omgeving niet hebben gemerkt en hebben gezien dat het zo slecht ging…

In de weken daarna ging het langzaam iets beter en leek de therapie iets aan te slaan. Maar opnieuw zakken voor mijn rijexamen en de start van antidepressiva in mei dit jaar (met alle bijwerkingen), waardoor mijn derde rijexamen niet door kon gaan, zorgde ervoor dat ik opnieuw alleen nog maar dood wilde zijn, vooral ook nog door de gekneusde ribben waar ik last van had en bijvoorbeeld het tafeltennis weekend, waarbij ik alleen maar lachende mensen zeg, maar zelf niet genoot. Het was een week dat ik niet meer op hoge gebouwen wilde staan en tijdens het afwassen met een scherp mes in mijn hand kon ik mijzelf er maar net van weerhouden. Hoge gebouwen waren aanlokkelijk en bij kruispunten als een vrachtwagen eraan kwam dacht ik ook de meest verschrikkelijke dingen.

Afgelopen zomer ging ik een weekje er tussenuit in Zweden. Ik had al van tevoren bedacht dat ik daar ergens in het bos wilde achter blijven, daar zou niemand me vinden en kon ik ook niet gemist worden. Natuurlijk deed ik dit niet, hoewel ik er die week ook nog wel veelvuldig aan dacht. Inmiddels zijn we een paar maanden verder. Ik merk dat ik nog steeds zieke gedachtes heb en dat dit allemaal al zo lang duurt en dat ik steeds minder het licht zie. Ja, heel soms een leuk uitje, maar daarna zo snel weer een terugslag en de eenzaamheid en het onbegrip. Gisteren heb ik mijzelf voor het eerst ziek gemeld op mijn werk, omdat ik mijn negatieve gedachtes niet aankon en heb ik mijn leidinggevende op de hoogte gesteld (wisten al wel iets sinds mei, maar gisteren aangegeven dat het echt niet meer ging, ook met concentreren en ook met een link van mijn blog). Waarschijnlijk nog een bezoekje aan een behandelaar, de bedrijfsarts. Na de huisarts, praktijkondersteuner, therapeut, pillen, psychiater wil ik nog rijden en alle andere behandelaren die ik al heb gezien opnieuw een stapje waarvan ik alleen maar kon hopen dat het nooit zover zou komen. De gedachte was ik maar Joost Zwagerman en aan het feit dat ik nu weer veel te veel deel, waardoor mensen zich ongerust maken en ik ze alleen maar tot last ben, schieten door mijn hoofd. Het personeelsfeestje van mijn werk begint zo, maar ik ben vandaag opnieuw thuis gebleven. De nieuwe woning en het grootste wielersucces in 30 jaar voor Nederland doen me heel weinig. 10 september 2015, de wanhoop en eenzaamheid zijn immens. En ook al ben ik jaloers op Joost Zwagerman, ik weet dat ik het niet kan. Ik zal blijven vechten. Maar godverdomme, wat is dat al voor zo lange tijd godvergeten zwaar…


Ps. Knap dat jullie mijn hele blog hebben uitgelezen. Maak je geen zorgen, ik doe hard mijn best en ook al voelt het soms ver weg, ik geloof ergens dat ik er dus ga komen. Ik wilde alleen het verhaal hebben verteld welke rol suïcide in mijn leven speelt. Ik denk dat ik kan verbeteren zonder opname, maar ik weet nog niet zo goed hoe. Ergens ben ik bang voor alles wat nog komen gaat, ik houd jullie ervan op de hoogte…

tommie345

2 Replies to “Themaweek: Suïcide (prevention) week: Mijn persoonlijke verhaal…”

  1. Ach jongen, ik heb met je te doen. Ik begrijp je heel goed. Als ik je verhaal lees denk ik, nou hij heeft toch wel veel gepresteerd. Maar ik weet dat mensen dat bij mij ook denken. Uiteindelijk gaat het om wat er in je hoofd zit en door welke bril je je leven ziet. En nee je hebt geen keuze welke bril je op zet wat mensen ook zeggen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.